Stateloosheid; wanneer geen enkele staat je hebben wilt

Je profiteert er praktisch dagelijks van; het feit dat je staatsburger bent. Of het nu van Nederland of van een ander land is, het zijn van staatsburger geeft je vele rechten, zoals het recht om in een land te mogen wonen, gebruik te maken van sociale voorzieningen die een land aan zijn burgers verschaft en je staatsburgerschap geeft je toegang tot andere landen. Je staatsburgerschap en het land waar je woont hoeven niet altijd overeen te komen (In bijvoorbeeld Nederland zijn er genoeg mensen met een buitenlandse of dubbele nationaliteit), maar het feit dat je als onderdaan van een land beschouwt wordt geeft zekerheid en erkenning die andere landen en overheden op hun beurt ook weer erkennen. Waar dat voor de meeste mensen vanzelfsprekend is, komt het zeker nog voor (ook in Nederland) dat je geen staatsburger bent van een land, en dus ook niet als zodanig erkend wordt. Je bent dus stateloos.

Je zou denken dat stateloosheid anno 2019 niet meer kan bestaan door de vele internationale verdragen rondom mensenrechten en migratierecht. Maar ondanks dat zijn er wereldwijd 15 miljoen mensen die geen nationaliteit bezitten en daardoor dus stateloos zijn. Om te beginnen is natuurlijk de vraag; hoe wordt of kan je stateloos worden? Oorlogen leiden vaak tot een toename van stateloosheid. Oorlogen leiden vaak tot vluchtelingenstromen omdat mensen het geweld willen ontvluchten of bijvoorbeeld vanwege bepaalde kenmerken (zoals politieke voorkeur, etniciteit of religie) niet in hun land kunnen blijven. Ook het in dienst treden bij het leger van een ander land kan leiden tot het verlies van je nationaliteit (zeker als het een vijandig land is). Vaak zijn het etnische minderheden zoals de Rohingya in Myanmar maar ook veel Koerden en Palestijnen in het Midden-Oosten aan wie het verkrijgen van een nationaliteit ontzegd wordt.

Je verkrijgt je nationaliteit via 2 principes of soms een mix daarvan; jus sanguinis (recht van het bloed) of jus soli (recht van de grond). Het houdt in dat je een nationaliteit krijgt op basis van de nationaliteit van je ouders (jus sanguinis) of op basis van het territorium waarin je geboren bent (jus soli). Het eerste principe van jus sanguinis wordt het meeste gebruikt in de wereld en ik in Nederland, terwijl het principe van jus soli vooral in Noord- en Zuid-Amerika veel van toepassing is. Alhoewel de 2 principes een andere methoden hanteren waarop nationaliteit wordt toegewezen, leidt het tegenwoordig niet per se tot veel statelozen. Tegenwoordig worden deze principes niet heel strikt meer gevolgd en worden er vaak uitzonderingen gemaakt of wordt het allebei toegepast om te voorkomen dat door elkaar tegenstellende wetten kinderen stateloos worden.

Maar hoe zit het in Nederland? Ook in Nederland is er een (zij het beperkte) groep staatloze personen. Zo’n 4.000 mensen staan in het Basisregistratie Personen (BRP) geregistreerd als staatloos als minderheid binnen een groep van 80.000 personen van wie de identiteit onbekend is. In Nederland bestaat de grootste groep staatlozen uit Molukkers. Dit is historisch gezien zo gegroeid omdat de Nederlandse staat dit volk ooit een eigen staat beloofd heeft op Indonesisch grondgebied maar die nooit gerealiseerd is. Daarom is de Molukse staatloosheid gelijkgesteld aan het Nederlanderschap. Voor de rest bestaat de groep staatlozen uit bijvoorbeeld Roma, Palestijnen uit Syrië of migranten uit de voormalige Sovjet Republiek .

Het grote probleem met staatloosheid is dat je erdoor moeilijkheden kunt ondervinden met maken van aanspraak op allerlei basisvoorzieningen die je als persoon nodig hebt om een goed bestaan op te kunnen bouwen. Zo kan het moeilijk zijn om toegang te krijgen tot zaken als educatie, gezondheidszorg, werk en de vrijheid om te reizen. Daarom is het vluchtelingen agentschap van de Verenigde Naties (UNHCR) elke dag in touw om het aantal staatlozen terug te dringen. Ze doen dit sinds 1995 door te helpen met staatloosheid bij mensen die identificeren, staatloosheid te voorkomen door landen aan te manen om wetgeving aan te passen, het actief drukken van staatloosheid door te zoeken naar oplossingen om mensen een nationaliteit te laten verwerven en het beschermen van staatlozen zodat ze zich ten alle tijden nog kunnen beroepen op hun mensenrechten.

Het uiteindelijke doel van de UNHCR is om staatloosheid per 2024 de wereld uitgeholpen te hebben aangezien het een onnodig belemmerend fenomeen is en iedereen beter af mét Nationaliteit.